Download de Flash Player om dit element te bekijken.
Spenen en duimen
Spenen en duimen
|INLEIDING
|GEVOLGEN SPENEN EN DUIMEN
|DRINKEN UIT EEN BEKER
|SLAPEN ZONDER SPEEN OF FLES
|SPRAAKONTWIKKELING
|ADEMHALING
|ZUIGFLESCARIĖS VOORKOMEN IS BETER!
Inleiding
Eén van de eerste behoeften van een baby is zuigen. Dit zuigen is noodzakelijk voor de ontwikkeling van de kaken en het maakt de baby rustig. Met een fopspeen kan aan de grote zuigbehoefte van het kind tussen de voedingen door worden voldaan.
Wat eerst een zegen was wordt al snel een zorg omdat kinderen hun (fop)speen maar moeilijk los kunnen laten. Nog erger is het als het kind gaat duimen wanneer de speen wordt weggenomen.
We adviseren u om uw kind zo snel mogelijk uit een beker te laten drinken en de fopspeen te vergeten. Dat is makkelijk gezegd maar ga er maar eens aan staan. Niet willen eten, drinken en gaan slapen is ook een ramp.
Op deze pagina vind u adviezen en tips om het zuigen aan spenen en duimen af te leren. We vertellen u welke problemen kunnen ontstaan en wat u kunt doen om dit te voorkomen.
De gevolgen van spenen en duimen
Als uw kind langdurig duimt of aan een speen zuigt gaan de tanden scheef staan of komen naar voren. Het moeilijk behandelbare zuigflescariės kan ontstaan. Ook gaat uw kind vaak onduidelijk spreken. Met de duim, vinger of speen in de mond is uw kind nu eenmaal moeilijk verstaanbaar.
Verder gaat uw kind door de mond ademen. Het krijgt dan ongezuiverde, koude, droge lucht binnen. De kans op keelontstekingen neemt toe. Uw kind is wellicht vaker verkouden of moet dikwijls hoesten. Andere gevolgen van mondademen zijn afwijkende tand- of kaakstand. De gezichtsvorm kan minder fraai worden. Ook kunnen gehoorproblemen ontstaan. In de hoofdstukken over spreken en ademen leest u hier meer over.
Het is belangrijk om het zuigen aan een speen en/of duim zo vroeg mogelijk af te leren. De kans op vervelende gevolgen is dan kleiner en de gewoonte is minder vastgeroest.
Drinken uit een beker
Vanaf de geboorte zuigt je kind stevig aan de borst of aan een speen. Dit zuigen is goed čn noodzakelijk voor de ontwikkeling van de kaken. Tussen de 8 en 14 maanden breken de tanden door. De zuigbehoefte neemt vanaf deze leeftijd ook af. Bovendien wil een peuter steeds meer zčlf gaan doen.
De overgang van fles naar bekertje verloopt op deze leeftijd vaak vrij gemakkelijk: profiteer hiervan! Wacht je ermee dan blijkt de overgang van fles of borst naar bekertje meer problemen op te leveren: kinderen houden hardnekkig vast aan hun fles.
Drinken uit een bekertje moet je leren...
Benut koffietijd of het twaalfuurtje om je peuter te laten wennen aan een beker. Houdt in het begin het bekertje zelf vast. Laat je kind ook zelf oefenen met een bekertje met een bodempje water erin. Een tuitbekertje kan ook handig zijn, gevuld met bijv. verdunde yoghurt, dit komt er niet zo snel als water of thee.
Het is meestal erg verleidelijk om je kind tussendoor ook nog extra drinken te geven. Probeer toch de vaste momenten aan te houden, bovendien heb je dan de tijd om erbij te gaan zitten en je peuter te helpen bij deze nieuwe activiteit! Een sterke zuigbehoefte....
Wil je kind nog zuigen, geef hem dan de eerste tijd nog één, maximaal twee keer per dag de fles in plaats van het bekertje. Geef de fles niet langer dan 20 minuten per keer.
Het lijkt eigenlijk best gemakkelijk om je peuter die fles maar te blijven geven... Er zitten echter een aantal haken en ogen aan die op den duur zéker problemen gaan geven zoals:
- afwijking in de kaakgroei
- scheve stand van de tanden
- spraakstoornissen door scheve tandgroei
- zuigflescariės (meer hierover in slapen).
Tips:
*wen je kind aan drinken uit een bekertje.
*geef niet de hele dag door kleine beetjes drinken, maar houdt vaste momenten aan.
*houdt het eerst nog zelf vast, maar laat je kind ook zelf oefenen met een bekertje water.
Slapen zonder speen of fles
Sommige kinderen willen “s-nachts, vooral bij het inslapen, op iets zuigen. Probeer ook eens of uw kind zonder iets in slaap valt. Lukt dit niet geef hem dan een platte fopspeen. Overtuig u wel dat de weggenomen speen niet wordt vervangen door een duim of vinger. In dat geval is het nog te vroeg, geef de fopspeen dan terug. Duimen geeft op den duur meer problemen dan een fopspeen. Verder kan een duim niet worden weggenomen en bestaat het risico dat uw kind de hele dag gaat duimen.
Absoluut af te raden is een fles gevuld met een zoete drank mee naar bed geven. Hierdoor kan zuigflescariės ontstaan. Deze vorm van tandbederf is zeer ernstig en moeilijk te behandelen. Als uw kind in slaap is gevallen kunt u de fopspeen voorzichtig uit zijn mond halen. Niet aan trekken maar eerst zachtjes draaien. U zult versteld staan van de kracht waarmee de speen soms wordt vastgezogen. Dat dit afwijkingen aan de mond en het gebit kan veroorzaken wordt dan duidelijk. Controleer ook of de mond gesloten is. Zo niet dan kunt u met uw vingers de lippen zachtjes dicht doen of de kin oplichten. Kinderen die met hun mond open slapen ademen vaak ook door hun mond.
Mondademen kan veel klachten veroorzaken. Welke klachten maar ook wat u hier tegen kunt doen leest u in het hoofdstuk over ademen.
Spraakontwikkeling
De spraakontwikkeling is onlosmakelijk verbonden met de ademhaling. Als kinderen door hun mond gaan ademhalen kan er o.a. een afwijkende tand- of kaakstand ontstaan. De oorzaken van door de mond ademen kunnen o.a. zijn:
-te laat uit een bekertje leren drinken
-te lang met een fopspeen lopen
-op een duim of vingers zuigen
-met open mond slapen
De spraakontwikkeling kan hier hinder van ondervinden. Daarnaast is een kind dat de hele dag met een fopspeen of duim in zijn mond loopt ook slecht te verstaan.
Door uw kind goed te leren ademen kunnen veel problemen met het spreken worden voorkomen. Het vergt wat tijd maar deze tijd brengt u spelenderwijs met uw kind door. Zo“n straf is dat nou ook weer niet.
Ademhaling
Kinderen die verkouden zijn of duimzuigen ademen vaak door de mond. Dat kan keel- en oorontsteking in de hand werken. Mogelijke klachten zijn:
-een afwijkende tand- en kaakstand
-een minder fraaie gezichtsvorm
-gehoorproblemen (buisjes nodig)
-meer vatbaar voor luchtweginfecties
-vaker keel- of oorontsteking
-onduidelijk spreken
Voldoende redenen om mondademen zo snel en zo veel mogelijk af te leren.
Oefening baart kunst
Het afleren van het door de mond ademen gaat het makkelijkste in spelvorm. Voor zowel jonge als oudere kinderen zijn er allerlei oefeningen. Is uw kind verkouden, druppel dan eerst het neusje met een zoutwateroplossing (een afgestreken theelepel op een kopje). Om goed te leren ademen door de neus kunt u met uw kind oefeningen doen met de mond en de neus. Het zijn spelletjes die - als je ze afwisselt - nog leuk zijn ook.
U ontdekt zelf welke van de volgende oefeningen bij uw kind aanslaan. Voor verschillende leeftijden zijn er verschillende oefeningen. Zorg voor voldoende afwisseling dan verveelt het niet zo snel. Oefeningen om de lippen sterk te maken
Druk het mondje dicht door de kin op te lichten. Doe dat een paar keer per dag en elke avond tijdens de slaap.
Laat uw kind een liedje meeneuriėn, het ademt dan vanzelf door de neus.
Als uw kind tekent, tv kijkt of u leest iets voor, laat het dan iets tussen de lippen vasthouden. Bijv. een knoop of een hangertje. Zorg er wel voor dat er een koordje aanzit i.v.m stikgevaar. Voer dit op tot 10 minuten per dag.
Laat uw kind in de spiegel kijken terwijl u voorleest. Geef het de opdracht de mond niet te openen. Zodra uw kind dat wel doet stopt u met voorlezen.
Lippen 10 tellen op elkaar persen.
10 tellen bolle wangen met de lippen op elkaar en daarna uitblazen. Dit steeds herhalen.
Gekke bekken trekken.
Uw kind leren uit een gewone beker of een tuitbeker leren drinken in plaats van uit een fles.
Een watje wegblazen door een rietje of blaasvoetbal bij oudere kinderen.
Overdreven "Ie-Oee" zeggen alsof je een sirene nadoet.
zuigflescariės, voorkomen is beter!
Zuigflescariės is het gevolg van regelmatig sabbelen op een zuigfles met daarin een zoete drank. Kinderen die een fles mee naar bed krijgen om daarmee in slaap te vallen lopen het meeste risico om zuigflescariės te krijgen. “s-Nachts werken de speekselklieren trager, terwijl speeksel juist de zuurgraad in de mond hersteld. Als er dus een constante aanvoer van suiker is terwijl er minder speeksel is wordt de kans op tandbederf groot.
Het grootste risico loopt het bovengebit. Onder de tong zitten een aantal speekselklieren die het ondergebit wat beter beschermen. In tegenstelling tot ØgewoneØ cariės zitten de gaatjes die ontstaan door zuigflescariės op de vrije gladde vlakken van de tanden en niet op de plaats waar de tanden en kiezen elkaar raken.
Het probleem zit in de speen van de fles. Als het kind de speen langere tijd in de mond houdt dan komt het speeksel minder goed achter in de mond. De speen vormt in feite een barričre voor het speeksel. Het is een misverstand dat bijv. melk in een zuigfles geen probleem is. Alleen water veroorzaakt geen problemen zoals gaatjes of zuigflescariės. Als er een zuigbehoefte is bij het slapen gaan geef het kind dan liever een fopspeen mee in plaats van een fles. De eerste tekenen van zuigflescariės zijn te zien door de bovenlip iets op te tillen en goed naar de boventanden bij de tandvleesrand te kijken. Zijn op die plek witte vlekken te zien dan kan dit een aanwijzing zijn dat er iets niet in orde is. Ook zwarte plekjes bij de tandvleesrand van de voortanden kunnen een teken zijn van zuigflescariės. Andere verschijnselen zijn duidelijker, het kind heeft pijn bij het poetsen of bijt niet met de voortanden in een appel maar met de kiezen.
Als u een van deze tekenen waarneemt, twijfel dan niet te lang en maak een afspraak bij de tandarts.
